“…Het leven is mooi. Mijn leven is mooi. Alles is goed…”

Zo zat ik gisteravond laat terug in de auto. Naar huis. Van het prachtige huwelijk van Jacqueline en Dick – die ik expres niet tag, zij hebben hun eigen podium na hun prachtige bruiloft.

Nu zijn dat soort gedachten niet bepaald standaard, althans: voor mij niet, dan. In de regel kijk ik wat gereserveerder naar wat zich allemaal in en om mij afspeelt. Wat twijfelachtiger, wat melancholieker, wat ironischer. Ik lach ‘dat leven’ vaak weg, met stoerdoenerij. Een grote bek. Een nieuw project.

En hoe open ik ook ben – je komt zelden écht binnen bij mij. Als er echt iets aan de hand is, doe ik doe dat het liefst alleen. In een hoekje. Stil.

Goed, terug naar waar het om gaat. Dat huwelijk, die prachtige dag. Zelf heb ik inmiddels wel zo’n beetje alles gedaan in het leven. Wat God verboden heeft, wat-ie toestond, en alles wat daartussen ligt. Behalve: trouwen.

Ik vind het Nogal Wat, zo’n Stap. Ik heb er Diep Respect voor en zelfs een tijdje gedacht dat ik ‘dat dan wel bewaard zou hebben voor als ik ooit eens écht gelukkig zou worden’.

Je weet immers nooit.

Maar ook die gedachte werd gisteravond wreed verstoord, toen Jacq het bruidsboeket over haar schouder ging gooien. Ik weet zeker dat ze op mij richtte, voor zover dat ging, zo is ze. En ik zette er zelfs mijn bril voor op.

Op het moment supreme vloog dat boeket recht mijn handen in – tot twee centimeter ervoor. This close, was ik. Maar: de armen van Kim van Kooten schoven er opeens voor en waren net iets sneller. In één machtige beweging rende ze met boeket en al naar Quinten van Hoogdalem, om hem om de hals te vliegen. Nooit meer ga ik zijn verbaasde blik van mijn netvlies krijgen. Dat huwelijksgeluk schoof dus in 1 seconde en nauwelijks 2 centimeter een generatie op en ik gun het mijn zoon van harte – hoewel Kim en ik het nog wel eens moeten worden over de bruidsschat. Minor detail.

In de regel geen fan van feestjes, van groepen mensen, van rituelen en al helemaal niet van Hazes Junior, had ik het gisteravond Ongelofelijk Naar Mijn Zin. Ik kan het dus wel. Met veel plezier observeerde ik niet alleen het gedruis, zoals te doen gebruikelijk: ik nam er gewoon deel aan. Ik heb zelfs gedanst (en nee, ik was niet dronken).

Wel opmerkelijk: het aantal mensen dat het zo “bijzonder vond dat ik op het huwelijk van mijn ex was”. Waarbij ik dan alleen maar verbazing kan voelen. Ligt waarschijnlijk aan mij, of aan mijn rekbare opvattingen over Liefde en Leven, het Maar Niet Willen Passen In Hokjes. Wat heeft het voor zin om elkaar het leven zuur te maken? Als iemand beter af is met een ander dan mij, en geloof me: dat is al snel het geval, dan gun je haar toch Alle Goeds?

En nu ik het teruglees bedenk ik me: het ligt helemaal niet alleen aan mij. Het ligt vooral aan Jacq. Je zal maar 23 jaar met mij meemaken, voor het grootste deel niet aflatend voor onze zoon gezorgd hebben en alle credits verdienen voor hoe mooi hij gelukt is, en mij dan vragen om erbij te zijn. Zelfs bij De Voltrekking.

Ik appte gisteren nog aan iemand: “…Dus ik stond daar, een beetje zo ver mogelijk achteraan, een muurbloem imiterend. Het is immers hun podium, vandaag. Vervolgens mogen de ‘belangrijkste mensen’ eerst feliciteren. Dus ik neem nog een paar stappen naar achteren, om zoveel mogelijk in de menigte op te gaan en de rijen te sluiten. Zie ik haar lippen, ik sta te ver om iets te horen, onmiddellijk de woorden naar Quinten maken: “waar is je vader?” Die naar mij wijst, waarop zij een uitnodigend gebaar maakt en me erbij trekt. Zelden zoveel liefde gezien, en toch nog iets van het concept familie begrepen…”

Mocht je dit lezen, Jacq: ik maak een diepe buiging voor je.

Wat ook hielp waren de talloze lieve mensen die daar rond liepen, en de ongelofelijk relaxte sfeer – het werd Jacq en Dick zó gegund, zo mooi. Of het het weerzien met oude vrienden, die nog steeds vrienden zijn, ook al zie je ze niet elke dag en deel je ook pijnlijke momenten uit hele andere verledens. Ik noem ‘een’ Jacqueline Oldenburg. ‘Een’ Cor Smit. ‘Een’ Maarten Alleman.

Ik heb wat afgeknuffeld, die dag.

Ook het intellect kwam aan bod, en mijn voorliefde voor zwarte humor. De leukste en slimste mensch van Europa, mijn goede vriend Tom De Bruyne, was er namelijk ook. Tegenwoordig komen we elkaar alleen nog maar tegen bij huwelijken, dus ik hoop dat er de komende jaren flink getrouwd gaat worden tussen onze 74 gemeenschappelijke Facebookvrienden. En laat vooral de prachtige ontmoeting tussen Tom, mij, Barbera Wolfensberger en haar Ewoud De Man niet onbesproken – we gingen zo diep en zo lang dat zelfs de bruidegom op een gegeven moment kwam informeren ‘of er niet gedanst moest worden?’. Ondertussen hadden we gevieren wel zo’n beetje Alle Grote Onderwerpen aangeraakt – de Filosofie, de Politiek, de Maatschappij, De Financiële Wereld, Persoonlijke Drijfveren. En De Liefde, natuurlijk.

En oh ja: Onkreukbaarheid. For what it’s worth.

Nog meer hoogtepunten? Zeker. Nieuwe mensen, waarvan je niet zag aankomen dat je er nog iets van ging leren. Daar kwam je niet voor en stiekem dacht je er ook al te oud voor te zijn. Maar dat er tussen Sybrand Jan Roell en zijn prachtige Saskia Roell en mij ondanks die drie kwartier nog vele levens meer besproken moeten worden, staat vast.

Of de ‘speech’ aan de vriendengroep van Quinten, waar je dan zo een paar keer per avond even aanschuift, om je te verliezen in bewondering voor je zoon’s vermogen om verbindingen aan te gaan die bij hem passen, die hem helpen, die hem verder brengen. En die bewondering geldt natuurlijk net zo hard voor die vrienden en vriendinnen: Sjams Barra, Eva Verkaaik, Isaac Schwab, Sergen Ilhan (en die rest die ik nog niet op Facebook heb, omdat ze waarschijnlijk allemaal op ‘Insta’ zitten en ik daar te oud voor ben). Mooie club, die al jaren samen voortschrijdt en groeit – allemaal sterke individuen en types, maar zonder poeha en blabla. Ze beginnen steeds meer te weten wat ze willen en wat niet – het is met warme dankbaarheid dat ik daar naar kijk en dan denk: “het komt wel goed met de wereld”.

En: er was Ook Een Absoluut Hoogtepunt.

Een Apotheose.

Een Moment Dat Nooit Meer Voorbijgaat.

Voor mij dan.

Het Moment dat Quinten met z’n Moeder danst. Kijk ze shinen. Zij: dolgelukkig met de mannen in haar leven, stralend middelpunt, de witte cowboyboots verwisselt voor sneakers om te dansen – wat alles zegt over Het Punt In Het Leven Waar Ze Staat: er mag gedanst worden.

Hij: de fiere kop omhoog, het overhemd open, gesoigneerd in wat er van zijn kostuum nog rest op dat tijdstip, de gin-tonic losjes in de hand, de heupen precies in het juiste ritme, de ogen gesloten, trots ademend en diepe teugen nemend van Het Leven Dat Voor Hem Ligt. Aan zijn voeten.

Nooit was ik gelukkiger dan op Dat Moment.
Ik wist dat het goed was.
Dat er nieuwe hoofdstukken gingen komen.

En dat we alledrie onze eigen pen oppakten.

Life.
Goes.
On.

And on.

And on.

And on.

Delen is het nieuwe vermenigvuldigen

 

“…Het leven is mooi. Mijn leven is mooi. Alles is goed…”

Zo zat ik gisteravond laat terug in de auto. Naar huis. Van het prachtige huwelijk van Jacqueline en Dick – die ik expres niet tag, zij hebben hun eigen podium na hun prachtige bruiloft.

Nu zijn dat soort gedachten niet bepaald standaard, althans: voor mij niet, dan. In de regel kijk ik wat gereserveerder naar wat zich allemaal in en om mij afspeelt. Wat twijfelachtiger, wat melancholieker, wat ironischer. Ik lach ‘dat leven’ vaak weg, met stoerdoenerij. Een grote bek. Een nieuw project.

En hoe open ik ook ben – je komt zelden écht binnen bij mij. Als er echt iets aan de hand is, doe ik doe dat het liefst alleen. In een hoekje. Stil.

Goed, terug naar waar het om gaat. Dat huwelijk, die prachtige dag. Zelf heb ik inmiddels wel zo’n beetje alles gedaan in het leven. Wat God verboden heeft, wat-ie toestond, en alles wat daartussen ligt. Behalve: trouwen.

Ik vind het Nogal Wat, zo’n Stap. Ik heb er Diep Respect voor en zelfs een tijdje gedacht dat ik ‘dat dan wel bewaard zou hebben voor als ik ooit eens écht gelukkig zou worden’.

Je weet immers nooit.

Maar ook die gedachte werd gisteravond wreed verstoord, toen Jacq het bruidsboeket over haar schouder ging gooien. Ik weet zeker dat ze op mij richtte, voor zover dat ging, zo is ze. En ik zette er zelfs mijn bril voor op.

Op het moment supreme vloog dat boeket recht mijn handen in – tot twee centimeter ervoor. This close, was ik. Maar: de armen van Kim van Kooten schoven er opeens voor en waren net iets sneller. In één machtige beweging rende ze met boeket en al naar Quinten van Hoogdalem, om hem om de hals te vliegen. Nooit meer ga ik zijn verbaasde blik van mijn netvlies krijgen. Dat huwelijksgeluk schoof dus in 1 seconde en nauwelijks 2 centimeter een generatie op en ik gun het mijn zoon van harte – hoewel Kim en ik het nog wel eens moeten worden over de bruidsschat. Minor detail.

In de regel geen fan van feestjes, van groepen mensen, van rituelen en al helemaal niet van Hazes Junior, had ik het gisteravond Ongelofelijk Naar Mijn Zin. Ik kan het dus wel. Met veel plezier observeerde ik niet alleen het gedruis, zoals te doen gebruikelijk: ik nam er gewoon deel aan. Ik heb zelfs gedanst (en nee, ik was niet dronken).

Wel opmerkelijk: het aantal mensen dat het zo “bijzonder vond dat ik op het huwelijk van mijn ex was”. Waarbij ik dan alleen maar verbazing kan voelen. Ligt waarschijnlijk aan mij, of aan mijn rekbare opvattingen over Liefde en Leven, het Maar Niet Willen Passen In Hokjes. Wat heeft het voor zin om elkaar het leven zuur te maken? Als iemand beter af is met een ander dan mij, en geloof me: dat is al snel het geval, dan gun je haar toch Alle Goeds?

En nu ik het teruglees bedenk ik me: het ligt helemaal niet alleen aan mij. Het ligt vooral aan Jacq. Je zal maar 23 jaar met mij meemaken, voor het grootste deel niet aflatend voor onze zoon gezorgd hebben en alle credits verdienen voor hoe mooi hij gelukt is, en mij dan vragen om erbij te zijn. Zelfs bij De Voltrekking.

Ik appte gisteren nog aan iemand: “…Dus ik stond daar, een beetje zo ver mogelijk achteraan, een muurbloem imiterend. Het is immers hun podium, vandaag. Vervolgens mogen de ‘belangrijkste mensen’ eerst feliciteren. Dus ik neem nog een paar stappen naar achteren, om zoveel mogelijk in de menigte op te gaan en de rijen te sluiten. Zie ik haar lippen, ik sta te ver om iets te horen, onmiddellijk de woorden naar Quinten maken: “waar is je vader?” Die naar mij wijst, waarop zij een uitnodigend gebaar maakt en me erbij trekt. Zelden zoveel liefde gezien, en toch nog iets van het concept familie begrepen…”

Mocht je dit lezen, Jacq: ik maak een diepe buiging voor je.

Wat ook hielp waren de talloze lieve mensen die daar rond liepen, en de ongelofelijk relaxte sfeer – het werd Jacq en Dick zó gegund, zo mooi. Of het het weerzien met oude vrienden, die nog steeds vrienden zijn, ook al zie je ze niet elke dag en deel je ook pijnlijke momenten uit hele andere verledens. Ik noem ‘een’ Jacqueline Oldenburg. ‘Een’ Cor Smit. ‘Een’ Maarten Alleman.

Ik heb wat afgeknuffeld, die dag.

Ook het intellect kwam aan bod, en mijn voorliefde voor zwarte humor. De leukste en slimste mensch van Europa, mijn goede vriend Tom De Bruyne, was er namelijk ook. Tegenwoordig komen we elkaar alleen nog maar tegen bij huwelijken, dus ik hoop dat er de komende jaren flink getrouwd gaat worden tussen onze 74 gemeenschappelijke Facebookvrienden. En laat vooral de prachtige ontmoeting tussen Tom, mij, Barbera Wolfensberger en haar Ewoud De Man niet onbesproken – we gingen zo diep en zo lang dat zelfs de bruidegom op een gegeven moment kwam informeren ‘of er niet gedanst moest worden?’. Ondertussen hadden we gevieren wel zo’n beetje Alle Grote Onderwerpen aangeraakt – de Filosofie, de Politiek, de Maatschappij, De Financiële Wereld, Persoonlijke Drijfveren. En De Liefde, natuurlijk.

En oh ja: Onkreukbaarheid. For what it’s worth.

Nog meer hoogtepunten? Zeker. Nieuwe mensen, waarvan je niet zag aankomen dat je er nog iets van ging leren. Daar kwam je niet voor en stiekem dacht je er ook al te oud voor te zijn. Maar dat er tussen Sybrand Jan Roell en zijn prachtige Saskia Roell en mij ondanks die drie kwartier nog vele levens meer besproken moeten worden, staat vast.

Of de ‘speech’ aan de vriendengroep van Quinten, waar je dan zo een paar keer per avond even aanschuift, om je te verliezen in bewondering voor je zoon’s vermogen om verbindingen aan te gaan die bij hem passen, die hem helpen, die hem verder brengen. En die bewondering geldt natuurlijk net zo hard voor die vrienden en vriendinnen: Sjams Barra, Eva Verkaaik, Isaac Schwab, Sergen Ilhan (en die rest die ik nog niet op Facebook heb, omdat ze waarschijnlijk allemaal op ‘Insta’ zitten en ik daar te oud voor ben). Mooie club, die al jaren samen voortschrijdt en groeit – allemaal sterke individuen en types, maar zonder poeha en blabla. Ze beginnen steeds meer te weten wat ze willen en wat niet – het is met warme dankbaarheid dat ik daar naar kijk en dan denk: “het komt wel goed met de wereld”.

En: er was Ook Een Absoluut Hoogtepunt.

Een Apotheose.

Een Moment Dat Nooit Meer Voorbijgaat.

Voor mij dan.

Het Moment dat Quinten met z’n Moeder danst. Kijk ze shinen. Zij: dolgelukkig met de mannen in haar leven, stralend middelpunt, de witte cowboyboots verwisselt voor sneakers om te dansen – wat alles zegt over Het Punt In Het Leven Waar Ze Staat: er mag gedanst worden.

Hij: de fiere kop omhoog, het overhemd open, gesoigneerd in wat er van zijn kostuum nog rest op dat tijdstip, de gin-tonic losjes in de hand, de heupen precies in het juiste ritme, de ogen gesloten, trots ademend en diepe teugen nemend van Het Leven Dat Voor Hem Ligt. Aan zijn voeten.

Nooit was ik gelukkiger dan op Dat Moment.
Ik wist dat het goed was.
Dat er nieuwe hoofdstukken gingen komen.

En dat we alledrie onze eigen pen oppakten.

Life.
Goes.
On.

And on.

And on.

And on.

Delen is het nieuwe vermenigvuldigen